Darmklachten tijdens afslankmedicatie: waarom verstopping zoveel langer duurt
Educatief, geen medisch advies. Recalora verkoopt geen medicatie.
Volledige toelichting
Dit artikel is educatief van aard. Afslankmedicatie is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar via huisarts, internist of endocrinoloog. Recalora verkoopt geen afslankmedicatie en heeft geen commerciële binding met farmaceutische fabrikanten. Deze content is voorlichtend en vervangt geen consult. Wijzig nooit zelfstandig je dosering.
Darmklachten tijdens afslankmedicatie hangen voor een deel samen met een spijsverteringskanaal dat over de hele lengte trager werkt, niet alleen in je maag. Verstopping houdt het langst aan: in de registratiestudies mediaan 47 dagen, tegenover drie dagen voor diarree en acht voor misselijkheid. Houdt hij bij een gelijke dosering langer dan een week aan, dan bespreek je dat met de arts die je recept beheert. Drinken spreiden, vezel geleidelijk opbouwen en blijven bewegen liggen binnen je bereik, al is dat bij deze middelen niet onderzocht. Laxeermiddelen zijn een vraag voor je apotheker.
Snelle samenvatting
- Verstopping duurt veruit het langst. Mediaan 47 dagen tegenover 3 dagen voor diarree.
- De vertraging zit niet alleen in je maag. Je hele spijsverteringskanaal loopt trager.
- Verstopping en diarree komen allebei vaker voor dan zonder het middel. Dat ze elkaar kunnen afwisselen is bekend uit de praktijk, niet uit onderzoek.
- Winderigheid en een bolle buik horen vooral bij de opbouwfase.
- Bel dezelfde dag bij een opgezette buik zonder ontlasting én zonder windjes. Dan kan er een blokkade in de darm zijn.
Wat er verandert als je hele spijsverteringskanaal trager loopt
Een maaltijd doet er langer over om je hele spijsverteringskanaal door te komen. De vertraging blijft niet in je maag hangen. Volgens een overzichtsartikel over vertraagde maaglediging in het Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism gaat ook de beweging van je dunne darm trager, waardoor de hele route langer duurt (Jalleh et al., 2024). Dat is dezelfde eigenschap als het volle gevoel, alleen dan verderop bekeken.
Vrijwel alle uitleg over deze middelen stopt bij de maag en het volle gevoel. Voor wat er twee meter verderop gebeurt moet je zelf iets aan elkaar knopen.
Met die trage darm vallen drie dingen op hun plek. Hoe langer voedsel onderweg is, hoe langer je darm er vocht aan onttrekt. Wat er aan het eind uitkomt is daardoor harder. Gas dat normaal in het voorbijgaan verdwijnt, blijft langer zitten en geeft een bol gevoel. En een portie die voordat je begon binnen een uur doorschoof, laat nu ’s avonds nog van zich horen.
Verstopping is tijdens deze behandeling dus geen aparte bijwerking die je er toevallig bij krijgt. Het is grotendeels de werking zelf, gemeten aan het andere uiteinde. Hoe die werking begint staat bij wat deze medicatie in je lichaam doet.
Waarom verstopping veel langer duurt dan de rest
Verstopping houdt in de registratiestudies veel langer aan dan de andere maag-darmklachten: weken in plaats van dagen. Waarom precies is niet uitgezocht.
In de Europese productinformatie staan de maag-darmklachten uit vier registratiestudies bij elkaar, met bij elke klacht hoe lang hij mediaan aanhield. Misselijkheid duurde acht dagen, braken twee dagen en diarree drie dagen. Verstopping duurde 47 dagen (European Medicines Agency, 2026). Het ging om dezelfde studies, dezelfde deelnemers en dezelfde manier van meten.
Recalora
Twee dingen aan die getallen zijn belangrijker dan de getallen zelf.
Om te beginnen botst het verschil met je verwachting. Je hebt van je arts of uit een folder gehoord dat maag-darmklachten bij de opbouw horen en daarna zakken. Dat klopt voor misselijkheid, braken en diarree. Voor verstopping klopt het niet op dezelfde manier, want die zit in een andere tijdschaal. Wie hem met dezelfde verwachting benadert, denkt na zes weken dat er iets misgaat, terwijl dat bij deze klacht nog binnen het gewone verloop kan vallen. Dat verschil bepaalt of je het als alarm leest of als iets om bij een gewone afspraak te bespreken.
Het tweede gaat over de oorzaak van dat verschil. De voor de hand liggende gedachte is dat je lichaam aan het middel went. Voor de maag is dat beschreven in het overzichtsartikel over vertraagde maaglediging: bij langer gebruik vertraagt de maaglediging minder, al blijft er een deel van het effect over en verschilt dat sterk per persoon (Jalleh et al., 2024). De productinformatie meldt iets vergelijkbaars. Bij de onderhoudsdosering werd geen klinisch relevante vertraging van de maaglediging meer gezien, waarschijnlijk doordat er gewenning optreedt (European Medicines Agency, 2026).
Alleen verklaart die gewenning niet vanzelf waarom de misselijkheid zakt. In de meeste onderzoeken hingen klachten en maaglediging niet of maar zwak met elkaar samen (Jalleh et al., 2024). Of ook de tragere darm went, beschrijft het overzicht niet. Verstopping hangt vermoedelijk vooral af van hoeveel vocht er onderweg aan je ontlasting wordt onttrokken. Zolang de doorlooptijd langer is, blijft die onttrekking langer duren.
Daar komt een derde laag overheen die niet uit je darm zelf komt. Je eet minder, want dat is wat het middel doet. Minder volume betekent minder vezel en minder massa in je darm. Een darm met weinig inhoud komt trager op gang. Veel mensen drinken bovendien minder omdat drinken bij een trage maag ongemakkelijk aanvoelt. Die drie dingen komen tegelijk en ze duwen alle drie dezelfde kant op.
Die 47 dagen zijn een mediaan over een studiepopulatie. De helft van de mensen bij wie het optrad zat eronder en de helft erboven. Er is geen manier om vooraf te weten in welke helft jij valt. Wat het getal wél doet is de schaal geven waarop je moet denken. Wie weet dat het over weken gaat en niet over dagen, plant zijn gesprek met de arts anders in.
De vraag is dan niet meer of het overgaat. Het gaat erom hoe lang je er al mee zit, wat je hebt geprobeerd en wanneer het tijd wordt om het te bespreken in plaats van het uit te zitten.
Verstopping was in de registratiestudies mild tot matig van ernst. Juist dat maakt hem makkelijk om te negeren. Van de behandelde deelnemers stopte 4,3 procent definitief met de behandeling vanwege maag-darmklachten (European Medicines Agency, 2026). Een uitsplitsing per klacht staat er niet bij. Wie de verstopping laat lopen omdat die draaglijk is, houdt daarmee wel maandenlang iets in stand wat te bespreken viel.
Verstopping bij de één en diarree bij de ander
Verstopping en diarree komen tijdens deze behandeling allebei vaker voor dan met placebo. Het leest als een tegenspraak dat ze samen in de bijsluiter staan, maar dat is het dus niet. In geen van de bronnen staat waarom de een vooral het ene krijgt en de ander het andere.
Over 68 weken meldde 24,2 procent van de behandelde deelnemers verstopping tegenover 11,1 procent met placebo. Diarree meldde 29,7 procent tegenover 15,9 procent (European Medicines Agency, 2026). Uit de praktijk, niet uit deze studies, is bekend dat ze bij dezelfde persoon in verschillende weken kunnen afwisselen.
Recalora
Uit de bredere literatuur komt hetzelfde beeld. In een overzicht van zesentwintig gelote onderzoeken bij 15.491 volwassenen zonder diabetes waren misselijkheid, braken, diarree en verstopping samen de meest gemelde klachten, met een grote bandbreedte tussen de onderzoeken (Moiz et al., 2025). In een tweede overzicht van negenendertig onderzoeken bij 33.354 deelnemers zijn het dezelfde vier (Ismaiel et al., 2025).
Het opgeblazen gevoel dat ’s avonds opkomt
Het opgeblazen gevoel hoort, net als winderigheid en oprispingen, vooral bij de weken na een dosisverhoging. Alle drie staan ze in de productinformatie, met de aantekening dat ze hoofdzakelijk werden gezien in de periode waarin de dosering werd verhoogd (European Medicines Agency, 2026). Je merkt het vaak aan een buik die tegen de avond boller staat dan ’s ochtends.
Dat is een ander tijdsbeeld dan bij verstopping. Waar verstopping in weken loopt en los staat van de opbouw, hangen deze drie er juist aan vast. Ze komen op na een stap omhoog en zakken daarna weer. Bij de volgende stap herhaalt dat zich.
Als je dat weet, kun je er in die weken rekening mee houden in plaats van erdoor verrast te worden. Het patroon is voorspelbaar en dat is het enige voordeel eraan. Het opbouwtempo zelf ligt bij de arts die je recept beheert.
Wanneer je belt en hoe snel
Dezelfde dag bellen hoort bij klachten die op iets anders wijzen dan een trage darm. Klachten die vooral vervelend zijn, zoals aanhoudende verstopping, bespreek je bij een gewone afspraak.
| Wat je merkt | Wat je doet | Wie je belt |
|---|---|---|
| Geen ontlasting én geen windjes meer, met een opgezette, pijnlijke buik en misselijkheid of braken | Nog dezelfde dag contact opnemen, ook ’s avonds en in het weekend | Je huisarts, of buiten kantooruren de huisartsenpost |
| Hevige buikpijn die aanhoudt, zeker als die naar je rug uitstraalt | Nog dezelfde dag contact opnemen | Je huisarts of de huisartsenpost |
| Bloed bij de ontlasting, of zwarte plakkerige ontlasting | Nog dezelfde dag contact opnemen | Je huisarts of de huisartsenpost |
| Diarree die meerdere dagen aanhoudt, met weinig plassen, een droge mond of duizeligheid bij opstaan | Nog dezelfde dag contact opnemen | Je huisarts of de huisartsenpost |
| Verstopping die langer dan een week aanhoudt terwijl je dosering ongewijzigd is | Een afspraak maken bij de eerstvolgende gelegenheid | De arts die je recept beheert |
| Een geplande operatie, endoscopie of ingreep onder sedatie | Vooraf melden dat je dit middel gebruikt, ook bij een kleine ingreep | De behandelaar die de ingreep doet |
Wanneer er geen ontlasting én geen gas meer passeert terwijl je buik opzet, kan er sprake zijn van een blokkade in de darm. Darmobstructie en ileus (een darm die stil komt te liggen) staan in de Europese productinformatie vermeld op grond van meldingen die ná de toelating zijn binnengekomen. Juist daarom kan er geen frequentie aan worden gehangen (European Medicines Agency, 2026). De frequentie is onbekend, maar het is ernstig genoeg om te herkennen: dat is de hele boodschap van die regel.
De onderste regel gaat over iets anders en staat er omdat mensen hem uit zichzelf niet vertellen. Een tragere maag betekent dat er bij een ingreep nog voedsel in kan zitten. Dat weegt mee bij narcose en sedatie. Volgens het overzichtsartikel over vertraagde maaglediging wordt bij endoscopieën vaker achtergebleven maaginhoud gezien bij gebruikers van deze middelen, maar rusten de aanbevelingen daarover op beperkt bewijs (Jalleh et al., 2024). Per ziekenhuis verschilt wat je arts of anesthesist daarmee doet. Meer over melden vóór een ingreep staat bij wat helpt tegen misselijkheid.
Recalora
Wat je zelf kunt bijstellen en wat daarvan is getest
Zelf kun je bijstellen wat er in gaat, hoeveel er in gaat en hoe je dag eruitziet. Geen van de aanpassingen hieronder is bij deze middelen onderzocht. Ze komen uit de gewone omgang met een trage darm. Ze staan hier omdat ze redelijk zijn en niet omdat er bewijs onder ligt.
Vocht, verdeeld. Een darm die trager loopt onttrekt meer vocht, dus wat je drinkt weegt tijdens deze behandeling zwaarder mee. Grote hoeveelheden tegelijk botsen met een trage maag, kleine hoeveelheden over de dag niet. Een concrete hoeveelheid staat hier bewust niet: de getallen die daarover circuleren hebben zelden een richtlijnbron. Het Voedingscentrum en je behandelaar zijn daarvoor het aangewezen adres.
Vezel, maar niet in één klap. Vezel werkt alleen samen met voldoende vocht: bij weinig drinken kan meer vezel de klacht juist verergeren. Met kleinere porties verlies je vezel zonder het te merken. Die vezel breng je het beste geleidelijk terug.
Bewegen, ook een beetje. Beweging helpt de darmpassage. Dat is niet nieuw en niet middel-specifiek. Een wandeling na het eten valt in de categorie dingen die weinig kosten.
Het ritme van je dag. Een darm reageert op regelmaat. Op vaste tijden eten en de aandrang niet uitstellen zijn de twee dingen die in vrijwel elke uitleg over verstopping staan, ook zonder medicatie in het spel.
Recalora
Buiten je bereik ligt de rest. Laxeermiddelen, vezelpreparaten en andere producten uit de drogisterij noemen wij hier niet bij naam, met dosering of als categorie. Dat is geen ontwijking maar een afweging: je gebruikt vermoedelijk meer dan één middel, sommige van die producten beïnvloeden de opname van andere medicatie en je apotheker ziet dat volledige plaatje. Dat gesprek duurt vijf minuten en is beter dan wat hier zou staan.
Houd twee weken bij hoe vaak je ontlasting hebt en hoe hard die is. Zet erbij op welke dagen je dosering veranderde. Neem dat overzichtje mee naar je apotheker of je arts en vraag wat er in jouw situatie bij past, met je overige medicatie erbij. Wat er met tempo of dosering moet gebeuren beslist de arts die je recept beheert.
Wat hierover niet is uitgezocht
Drie dingen zijn niet uitgezocht: hoe verstopping na de studieperiode verloopt, hoe verstopping en diarree binnen één persoon afwisselen en of de aanpassingen bij deze middelen iets doen.
Het beloop na de studieperiode. De duren hierboven komen uit onderzoeken van 68 weken. Hoe verstopping zich daarna gedraagt bij mensen die jaren doorgaan, is niet gepubliceerd.
De afwisseling binnen één persoon. Geen van de twee grote overzichtsstudies volgt per persoon hoe verstopping en diarree zich in de tijd tot elkaar verhouden. Heb je afwisselend verstopping en dunne ontlasting, dan is er dus geen patroon uit onderzoek om je eigen verloop naast te leggen.
De aanpassingen zelf. Er bestaat geen gelot onderzoek naar vezelbeleid, vochtbeleid of laxeerbeleid bij deze middelen. Het meest genoemde signaal over ernstige maag-darmvoorvallen komt uit een onderzoeksbrief op declaratiegegevens, zonder volledige rapportage (Sodhi et al., 2023). Verder ligt er op dit terrein weinig.
Eén ding valt daarbuiten en is wél gemeten: bij een matig verminderde nierfunctie werden meer maag-darmklachten gezien (European Medicines Agency, 2026). Dat is een reden om je nierfunctie te noemen wanneer je deze klachten bespreekt.
Wat hiervan blijft staan
Wat ik hieruit meeneem is hoe ongelijk de aandacht verdeeld is. Misselijkheid heeft protocollen, adviezen en hele pagina’s, terwijl verstopping een woord in een rijtje krijgt. Dat is begrijpelijk, want misselijkheid is de maag-darmklacht die in de registratiestudies het vaakst werd gemeld. Het betekent wel dat de klacht die het langste blijft de minste uitleg heeft gekregen.
Ook het idee dat gewenning alles oplost houdt geen stand. Voor de maag is gewenning beschreven, maar zelfs voor de misselijkheid is dat geen sluitende verklaring. In de bronnen staat nergens dat ook de darm went. Voor verstopping is afwachten tot dat gebeurt daarom geen plan.
Wat onbeslist blijft is wat er na anderhalf jaar gebeurt. Alle duren hierboven komen uit studies van 68 weken, terwijl deze behandeling voor langer bedoeld is. Dat gat komt bij meer onderwerpen terug en staat ook bij bijwerkingen op lange termijn.
Verder bij Recalora
Recalora publiceert ook uitgewerkte protocollen over voeding, eiwit en krachttraining tijdens je behandeling; die staan in het overzicht van afslankmedicatie.
Verwante pagina’s: wat helpt tegen misselijkheid, de bijwerkingen van afslankmedicatie, waarom niet iedereen hetzelfde reageert, wat deze medicatie in je lichaam doet en wat je kunt eten tijdens je behandeling.
Bewijsoverzicht
Bewijsniveaus in dit overzicht: Sterk betekent meerdere grote gerandomiseerde trials of meta-analyses. Redelijk betekent enkele goede trials of consistente observationele data. Wisselend betekent inconsistente uitkomsten tussen studies. Beperkt betekent vooral mechanistische of preklinische aanwijzingen. Volledige uitleg op de methodologie-pagina.
| Bewering | Bewijsniveau | Bronnen |
|---|---|---|
| Verstopping trad op bij 24,2 procent tegenover 11,1 procent met placebo, en diarree bij 29,7 procent tegenover 15,9 procent | Sterk (vier gelote fase 3-studies, 2.650 blootgestelde deelnemers, 68 weken) | EMA-productinformatie, rubriek 4.8 |
| De mediane duur bedroeg 47 dagen voor verstopping, 3 dagen voor diarree, 8 dagen voor misselijkheid en 2 dagen voor braken | Sterk (zelfde studies en zelfde populatie; mediaan over een groep, geen individuele voorspelling) | EMA-productinformatie, rubriek 4.8 |
| Maag-darmvoorvallen leidden bij 4,3 procent van de behandelde deelnemers tot definitieve stopzetting | Sterk (zelfde studies; niet uitgesplitst per klacht) | EMA-productinformatie, rubriek 4.8 |
| Misselijkheid, braken, diarree en verstopping zijn de meest gemelde maag-darmklachten in deze populatie | Sterk (26 gelote onderzoeken, n=15.491, zonder diabetes; bevestigd in 39 onderzoeken, n=33.354) | Moiz et al., 2025; Ismaiel et al., 2025 |
| Bij een matig verminderde nierfunctie werden meer maag-darmklachten gezien | Redelijk (regulatoire rapportage; geen aparte gelote toets) | EMA-productinformatie, rubriek 4.8 |
| Bij endoscopie wordt vaker achtergebleven maaginhoud gezien bij gebruikers | Redelijk (overzichtsartikel; de auteurs noemen de bewijsbasis voor het beleid eromheen zelf beperkt) | Jalleh et al., 2024 |
| Bij langer gebruik vertraagt de maaglediging minder, met een resterend effect en grote verschillen per persoon; klachten hingen in de meeste onderzoeken niet of maar zwak samen met de maaglediging | Beperkt (overzichtsartikel; gewenning alleen voor de maag beschreven, niet voor de darm) | Jalleh et al., 2024 (Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism) |
| Ernstige maag-darmvoorvallen komen vaker voor bij gebruik voor gewichtsverlies | Beperkt (onderzoeksbrief op declaratiegegevens, geen volledige rapportage) | Sodhi et al., 2023 |
| Het beloop van verstopping na 68 weken · de afwisseling tussen verstopping en diarree binnen één persoon · waarom de een vooral verstopping krijgt en de ander diarree · vezel-, vocht- of laxeerbeleid bij deze middelen | Niet te graderen | geen onderzoek gevonden |
Zonder bewijsniveau. Dat de vertraging zich over de dunne darm uitstrekt, dat een langere doorlooptijd meer vochtonttrekking betekent en dat winderigheid en oprispingen vooral in de opbouwfase werden gezien, zijn beschrijvingen van fysiologie en van een waarnemingspatroon. Datzelfde geldt voor de vermelding van darmobstructie en ileus op grond van meldingen na de toelating, en voor het triage-advies in de tabel.
Wat deze pagina bewust niet draagt. De rangorde tussen middelen die de netwerkmeta-analyse geeft, is niet overgenomen: dat is een middelvergelijking op effect. En er staat geen percentage voor één losse klacht uit die meta-analyses, omdat die daar per middel of gebundeld worden gerapporteerd en een losgemaakt getal een precisie zou suggereren die er niet is.
Disclaimer
Dit artikel is een onderzoekssynthese van maag-darmklachten in het onderste deel van het spijsverteringskanaal tijdens medisch begeleid gewichtsverlies, samengesteld uit registratiedocumenten, gerandomiseerde trials en overzichtsartikelen. Het vervangt geen persoonlijk medisch advies. Afslankmedicatie wordt voorgeschreven door een arts na individuele afweging van medische geschiedenis, BMI, comorbiditeiten en interactie met andere medicatie. Recalora verkoopt geen receptgeneesmiddelen en heeft geen betaalde doorverwijsrelaties met farmaceutische bedrijven, online-apotheken, drogisterijen of klinieken. Bij klachten: contacteer huisarts of medisch specialist; bij ernstige klachten: huisartsenpost of 112. Bijwerkingen meld je via lareb.nl.
Over dit artikel
Samengesteld door Ronald de Jong, redacteur onderzoekssynthese bij Recalora. Deze content is een wetenschappelijke synthese, geen persoonlijk medisch advies. Raadpleeg je arts bij klachten.
Van de redacteur: de mediane duur van verstopping staat gewoon in de Nederlandse productinformatie, maar in geen enkele publieksuitleg ben ik hem tegengekomen. Zonder dat getal blijft onverklaard waarom iemand na twee maanden nog steeds verstopt is terwijl hem is verteld dat maag-darmklachten bij de opbouw horen. Ik heb er daarom de langste sectie van gemaakt.
Voor het laatst geactualiseerd: 2026-09 (redactionele actualisatiecyclus, dit is geen medische reviewdatum). Dit artikel is niet klinisch gereviewd. Onze werkwijze en bronselectie staan op /methodologie/.
Dit artikel beschrijft maag-darmklachten in het onderste deel van het spijsverteringskanaal tijdens medisch begeleid gewichtsverlies. Het bevat geen doseringsinformatie, geen titratieschema en geen toedieningsinstructie: dat is voorbehouden aan je voorschrijver en aan de bijgeleverde gebruiksaanwijzing. Er worden geen laxeermiddelen, vezelpreparaten of andere producten aanbevolen; overleg daarover met je apotheker of arts. De genoemde onderzoeksuitkomsten zijn groepsgemiddelden en voorspellen geen individueel resultaat. Afslankmedicatie is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar. Wijzig nooit zelfstandig je dosering. Bijwerkingen kun je melden bij Bijwerkingencentrum Lareb (lareb.nl). Recalora levert onderzoekssynthese, geen individueel medisch advies, en heeft geen commerciële relatie met fabrikanten of klinieken.
Veelgestelde vragen
Is verstopping normaal tijdens afslankmedicatie?
Hoe lang duurt verstopping tijdens je behandeling?
Hoe kan hetzelfde middel bij de één diarree geven en bij de ander verstopping?
Wat helpt tegen een opgeblazen gevoel bij afvalmedicatie?
Wanneer is buikpijn tijdens je behandeling een reden om te bellen?
Mag je een laxeermiddel gebruiken tijdens afslankmedicatie?
Bronnen
- Moiz A, Filion KB, Toutounchi H, Tsoukas MA, Yu OHY, Peters TM, Eisenberg MJ (2025). Efficacy and Safety of Glucagon-Like Peptide-1 Receptor Agonists for Weight Loss Among Adults Without Diabetes: A Systematic Review of Randomized Controlled Trials. Annals of Internal Medicine. 178(2):199-217. · PMID: 39761578 [Systematische review, 26 RCT's, n=15.491, zonder diabetes] bron
- Ismaiel A, Scarlata GGM, Boitos I, Leucuta DC, Popa SL, Al Srouji N, Abenavoli L, Dumitrascu DL (2025). Gastrointestinal adverse events associated with GLP-1 RA in non-diabetic patients with overweight or obesity: a systematic review and network meta-analysis. International Journal of Obesity. 49(10):1946-1957. · PMID: 40804463 [Netwerkmeta-analyse, 39 onderzoeken, n=33.354, zonder diabetes] bron
- Wilding JPH, Batterham RL, Calanna S, Davies M, Van Gaal LF, Lingvay I, McGowan BM, Rosenstock J, Tran MTD, Wadden TA, Wharton S, Yokote K, Zeuthen N, Kushner RF (2021). Once-Weekly Semaglutide in Adults with Overweight or Obesity (STEP 1). New England Journal of Medicine. 384(11):989-1002. · PMID: 33567185 [RCT, n=1.961, 68 weken, zonder diabetes] bron
- Jalleh RJ, Rayner CK, Hausken T, Jones KL, Camilleri M, Horowitz M (2024). Gastrointestinal effects of GLP-1 receptor agonists: mechanisms, management, and future directions. The Lancet Gastroenterology & Hepatology. 9(10):957-964. · PMID: 39096914 [Personal View, geen effectmaat] bron
- Jalleh RJ, Plummer MP, Marathe CS, Umapathysivam MM, Quast DR, Rayner CK, Jones KL, Wu T, Horowitz M, Nauck MA (2024). Clinical Consequences of Delayed Gastric Emptying With GLP-1 Receptor Agonists and Tirzepatide. Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism. 110(1):1-15. · PMID: 39418085 · erratum: J Clin Endocrinol Metab 2025;110(10):e3556 [Overzichtsartikel] bron
- Sodhi M, Rezaeianzadeh R, Kezouh A, Etminan M (2023). Risk of Gastrointestinal Adverse Events Associated With Glucagon-Like Peptide-1 Receptor Agonists for Weight Loss. JAMA. 330(18):1795-1797. · PMID: 37796527 [Onderzoeksbrief, observationeel database-onderzoek, geen volledige rapportage] bron
- European Medicines Agency (2026). Productinformatie GLP-1-geneesmiddelen, rubriek 4.5 en 4.8. Nederlandse versie, laatst bijgewerkt 26 augustus 2026. [Registratiedocumenten] bron
- Voedingscentrum. Vezels en vocht. [Voorlichting] bron
- Farmacotherapeutisch Kompas. [Voorschrijfkader NL] bron
- Bijwerkingencentrum Lareb. [Meldpunt bijwerkingen NL] bron
- College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. [Registratieautoriteit NL] bron
Verder lezen
Stoppen met afslankmedicatie: wat er daarna gebeurt en wat erover is gemeten
Na stoppen met afslankmedicatie valt de werking van het middel weg: je eetlust en een deel van je…
Lees verderGezichtsvolume bij snel gewichtsverlies: wat er met je gezicht gebeurt en wat je eraan kunt doen
Verlies van gezichtsvolume bij snel gewichtsverlies komt volgens de beschikbare literatuur waarschijnlijk door het tempo en niet door…
Lees verderVragen aan je arts: het eerste consult in je behandeling beter gebruiken
Vragen aan je arts bij het eerste consult leveren het meest op als ze gaan over de redenering…
Lees verder