Bijwerkingen op lange termijn: hoe ver het onderzoek reikt en waar het ophoudt
Educatief, geen medisch advies. Recalora verkoopt geen medicatie.
Volledige toelichting
Dit artikel is educatief van aard. Afslankmedicatie is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar via huisarts, internist of endocrinoloog. Recalora verkoopt geen afslankmedicatie en heeft geen commerciële binding met farmaceutische fabrikanten. Deze content is voorlichtend en vervangt geen consult met de arts die je recept beheert. Wijzig nooit zelfstandig je dosering.
Over bijwerkingen op lange termijn is minder bekend dan de gebruiksduur doet vermoeden: de langste gelote meting bij mensen zonder diabetes loopt tot vier jaar. Die meting komt uit een onderzoek naar hart en vaten bij mensen die al een hart- of vaatziekte hadden. Ernstige voorvallen kwamen daarin minder vaak voor dan met placebo. Over de jaren daarna bestaat in deze groep geen gelote meting. Dat is geen teken dat er iets mis is en geen geruststelling. Het geeft je een vraag voor de arts die je recept beheert: wat wordt er bij jou gecontroleerd en hoe vaak?
Snelle samenvatting
- De registratietrials liepen 68 tot 104 weken. Dat is anderhalf tot twee jaar, bij een middel dat voor langdurig gebruik bedoeld is.
- Vier jaar is de bovengrens. Die meting komt uit een hart- en vaatonderzoek, niet uit een gewichtsonderzoek.
- Langer gelot onderzoek bestaat wel, maar bij type-2-diabetes. Die populaties zijn niet uitwisselbaar.
- Registerdata reiken verder dan trials. Daar is het schildkliersignaal op nagerekend.
- Wat er in vier jaar niet is gemeten telt hier het zwaarst. Botdichtheid en spiermassa staan in geen enkele lange rapportage.
Waarom deze vraag pas nu wordt gesteld
De vraag naar de lange termijn komt meestal rond het eerste jaar, als duidelijk wordt dat dit geen kuur is. De eerste maanden gaan over misselijkheid en over wat je nog op je bord krijgt. Is dat eenmaal uitgezocht, dan blijft de vraag over hoe lang dit doorgaat.
Dat is een ander soort vraag dan de vorige. Bij een klacht kun je nagaan of ze bij het middel past, terwijl je bij de lange termijn afhankelijk bent van hoe lang iemand anders heeft gekeken. Je kunt aan jezelf niet zien wat er in jaar zes gebeurt. Je kunt alleen weten hoe ver de metingen reiken die er liggen. Juist dat staat op vrijwel geen enkele Nederlandse pagina.
Een compleet overzicht van de bijwerkingen staat bij de bijwerkingen van afslankmedicatie. Voor de lange termijn tellen drie andere vragen: hoe lang er is gekeken, wie er in die jaren meededen en wat er in al die tijd niet is opgeschreven.
Hoe lang de onderzoeken werkelijk liepen
De onderzoeken achter de bijsluiter liepen anderhalf tot twee jaar, bij een paar duizend deelnemers. Die duur bepaalt wat er überhaupt in de bijsluiter kan komen.
Een van de onderzoeken waarop de toelating rust liep 68 weken, bij 1.961 volwassenen met overgewicht of obesitas zonder diabetes (Wilding et al., 2021). Een tweede liep 72 weken bij 2.539 volwassenen met obesitas zonder diabetes (Jastreboff et al., 2022). Eén trial ging verder: 104 weken, met 152 deelnemers per groep (Garvey et al., 2022). Dat is de langste gelote gewichtsstudie die er ligt, maar ze is klein.
Zet daar de gebruiksduur naast en het verschil valt op. Deze middelen zijn bedoeld voor een aandoening die niet overgaat, dus voor gebruik dat in jaren wordt gerekend. Het bewijs eronder wordt in weken gerekend. Dat is geen verwijt aan de opzet, want een trial van tien jaar bestaat in dit veld nergens. Het is wel de reden dat de vraag die je stelt nog geen antwoord heeft.
Recalora
Een langere trial levert niet alleen meer tijd op maar ook meer gelegenheid om zeldzame dingen te zien. De bijwerkingentabel van een van deze middelen rust op vier registratieonderzoeken van 68 weken, waaronder het onderzoek met 1.961 deelnemers. Samen kregen daarin 2.650 mensen het middel (European Medicines Agency, 2026, rubriek 4.8). In zo’n groep verwacht je van een bijwerking die één op de tienduizend mensen treft gemiddeld nog geen één geval. Duiken zulke bijwerkingen pas jaren later op, dan komt dat dus niet doordat het middel is veranderd.
Wat er in vier jaar is gemeten en wat die vier jaar niet dekt
Over vier jaar zijn gewicht en veiligheid vastgelegd, alleen bij mensen die al een hart- of vaatziekte hadden.
In het cardiovasculaire onderzoek werden 17.604 volwassenen met een bestaande hart- of vaatziekte tot 208 weken gevolgd, oftewel vier jaar. Het gewichtsverloop en de veiligheid over die periode zijn apart uitgewerkt in een vooraf vastgelegde analyse (Ryan et al., 2024). Daarmee is dit de langste gelote blootstelling bij mensen zonder diabetes die er bestaat. Gewicht was daarin een bijproduct van een andere vraag.
Bij dat venster horen vier dingen die zelden bij elkaar staan.
Wie erin zat. De deelnemers waren 45 jaar of ouder, hadden een BMI van 27 of hoger, hadden géén diabetes en hadden wél een bestaande hart- of vaatziekte (Lincoff et al., 2023). Dat is een selectie op cardiovasculair risico en geen doorsnede van wie dit middel in Nederland krijgt. Wie jonger is of geen hart- of vaatgeschiedenis heeft, is in deze vier jaar niet vertegenwoordigd.
Wat er is gerapporteerd. Op week 208 was de gemiddelde gewichtsverandering in de behandelde groep 10,2 procent tegenover 1,5 procent met placebo. De buikomvang nam 7,7 centimeter af tegenover 1,3 centimeter (Ryan et al., 2024). Ernstige ongewenste voorvallen kwamen in de behandelde groep minder vaak voor dan met placebo. Dat verwachten veel mensen niet, maar het gaat om ernstige voorvallen en niet om klachten in het algemeen.
Wat er niet is gerapporteerd. Er staat geen enkele maat voor lichaamssamenstelling in en ook geen botdichtheid. De auteurs noemen het ontbreken van gegevens over lichaamssamenstelling zelf als beperking (Ryan et al., 2024). In vier jaar tijd, bij ruim zeventienduizend mensen, is dus niet vastgelegd waaruit dat gewichtsverlies bestond. Vraag je je af of je naast vet ook spier kwijtraakt, dan vind je in de langste meting die er ligt geen antwoord. Ik benoem dat gat liever dan dat ik het opvul.
Wie vaker stopte. Over de hele looptijd stopte 16,6 procent van de behandelde groep wegens bijwerkingen definitief met het onderzoeksmiddel, tegenover 8,2 procent met placebo. Hoe lager de BMI-klasse, hoe vaker mensen in de behandelde groep stopten (Ryan et al., 2024). Dat kun je in de spreekkamer gebruiken: bij een behandeling van jaren weegt de verdraagbaarheid mee tegenover de winst. Die afweging verschilt per persoon.
Recalora
Daarnaast bestaat er wél langere gelote opvolging, alleen in een andere populatie. Bij volwassenen met type-2-diabetes en een verhoogd hart- en vaatrisico werd mediaan 3,8 jaar gevolgd, bij 9.340 deelnemers (Marso et al., 2016). Een andere trial kwam op mediaan 5,4 jaar bij 9.901 deelnemers van 50 jaar en ouder (Gerstein et al., 2019). Vijf jaar is dus wel gehaald, alleen niet bij mensen die deze medicatie voor hun gewicht krijgen. Die twee gegevens lezen als één reeks is een fout die bij dit onderwerp vaak wordt gemaakt.
Per saldo ligt de bovengrens van het bewijs bij vier jaar voor gewichtsbehandeling en bij ruim vijf jaar voor diabetesbehandeling. Zo weeg ik het bewijs op dit moment: genoeg om te weten dat er in vier jaar geen onverwachte ramp is opgedoken maar te weinig om iets over jaar acht te zeggen.
Het schildkliersignaal in registerdata van 2007 tot 2021
Bij de schildklier is de lange termijn wél nagerekend, buiten de trials om in registers. Daarin werd bij mensen geen verhoogd risico op schildklierkanker teruggevonden.
De aanleiding ligt in dieronderzoek, waar knaagdieren bij langdurige blootstelling C-cel-tumoren van de schildklier ontwikkelden. Dat signaal staat sinds de toelating in de productinformatie maar is bij mensen nooit bevestigd. De vraag bleef daarmee open, want een trial van twee jaar kan een kanker met een lange aanlooptijd niet uitsluiten.
Registers kunnen dat wel. In Denemarken, Noorwegen en Zweden werden gebruikers tussen 2007 en 2021 gevolgd. Daarbij werden 145.410 mensen die met deze middelen begonnen vergeleken met 291.667 mensen die met een andere klasse begonnen. De gemiddelde opvolging bedroeg 3,9 jaar in de eerste groep. Schildklierkanker trad op bij 76 tegenover 184 mensen, met een hazard ratio van 0,93 en een betrouwbaarheidsinterval van 0,66 tot 1,31. Een hazard ratio vergelijkt het risico in de ene groep met dat in de andere: bij precies één is er geen verschil. Het betrouwbaarheidsinterval is de marge waarbinnen die verhouding waarschijnlijk ligt. Loopt die marge zoals hier van onder de één tot erboven, dan is er geen verschil aangetoond. Voor de medullaire vorm lag die verhouding op 1,19, met een interval van 0,37 tot 3,86 (Pasternak et al., 2024).
Lees die twee intervallen apart. Het eerste getal wijst nergens op een verhoging en het tweede is zo breed dat het weinig uitsluit. Niet teruggevonden is niet hetzelfde als uitgesloten, zeker bij een kanker die zo zeldzaam is dat er in die registerdata maar weinig gevallen in de betreffende groep zaten.
Recalora
Een bijwerking verdwijnt niet uit de bijsluiter zodra een groot onderzoek geen verhoogd risico vindt. Het knaagdiersignaal blijft in de productinformatie staan omdat het is waargenomen. De registerstudie laat zien dat het bij mensen niet is teruggevonden. Die twee spreken elkaar niet tegen: het eerste beschrijft wat er in een dier gebeurde, het tweede wat er in een bevolking is gemeten.
Een bijwerking die pas na miljoenen gebruiksjaren zichtbaar werd
De zeldzame oogzenuwaandoening uit 2024 laat het duidelijkst zien wat trialduur niet kan.
Het signaal begon in één academisch verwijscentrum voor neuro-oftalmologie (Hathaway et al., 2024) en kwam vervolgens bij de toezichthouder terecht. Op 6 juni 2025 concludeerde het geneesmiddelenbewakingscomité van het Europees Geneesmiddelenbureau dat de aandoening een zeer zeldzame bijwerking is, wat betekent dat ze hooguit één op de tienduizend gebruikers treft. In absolute termen komt dat neer op ongeveer één extra geval per tienduizend behandeljaren. De productinformatie is er inmiddels op aangepast (European Medicines Agency, 2025). De volledige uitleg van beide getallen staat bij de bijwerkingen van afslankmedicatie.
Bij een frequentie van één op de tienduizend verwacht je in de vier registratieonderzoeken uit de productinformatie gemiddeld minder dan één geval. Zo’n bijwerking kan daar dus niet als patroon zichtbaar worden, hoe goed de trial ook is opgezet. Ze wordt pas zichtbaar wanneer miljoenen mensen het middel jaren gebruiken en de meldingen bij elkaar worden gelegd.
Recalora
Een bijsluiter die langer wordt is dus geen teken dat een middel gevaarlijker is geworden. Het is een teken dat er langer en door meer ogen naar is gekeken. Dat gaat de komende jaren waarschijnlijk vaker gebeuren. Wie dat vooraf weet, schrikt minder van de volgende krantenkop.
Wat in geen enkele lange studie is gemeten
Op vier plekken houdt het bewijs eerder op dan de vraag.
Bot en spier over meerdere jaren. Het blijft open hoe spiermassa en botdichtheid zich over jaren van gebruik ontwikkelen: de vierjaarsrapportage heeft er geen maat voor. Over het spierdeel is wel iets bekend uit kortere onderzoeken. Dat staat bij spierverlies bij gewichtsverlies.
Het beloop bij mensen boven de 65 en bij postmenopauzale vrouwen. Die groepen zijn in de registratietrials ondervertegenwoordigd, terwijl juist bij hen bot en spier het meest meewegen.
Wat er gebeurt na jaren gebruik en dan stoppen. De langste meting na het staken loopt tot 52 weken en die volgde mensen die één jaar behandeld waren. Wat er gebeurt bij iemand die vier jaar doorging is niet onderzocht. Wat er over stoppen wél bekend is, staat bij stoppen met je medicatie.
De opeenstapeling zelf. Elk van de bevindingen hierboven gaat over één uitkomst tegelijk. Nergens is onderzocht of jaren van maag-darmklachten, jaren van een licht verhoogde hartslag en jaren van gewichtsverlies samen iets opleveren wat je uit de losse delen niet ziet.
Wat je hiermee doet zolang die jaren niet gemeten zijn
Je neemt er een andere vraag mee naar de spreekkamer. Dat is geen geruststelling en ook geen waarschuwing.
Wie denkt dat er tienjaarsdata bestaan, vraagt of zijn middel veilig is en krijgt een algemeen antwoord. Wie weet dat de metingen bij vier jaar ophouden, vraagt iets anders: wat controleren we bij mij, hoe vaak en waarop letten we als er iets verandert. Dat gesprek is concreter en het levert een afspraak op in plaats van een geruststelling.
Twee dingen horen daar praktisch bij. Het eerste is dat je bij elke controle laat noteren sinds wanneer je dit middel gebruikt. Die duur staat in geen enkele uitslag, dus jij bent degene die hem aanlevert. Het tweede is de bijwerkingenmelding bij Bijwerkingencentrum Lareb. Bij middelen waarvan de langetermijndata nog worden opgebouwd is zo’n melding de route waarlangs een zeldzaam signaal zichtbaar wordt.
Zet in je afsprakenoverzicht sinds welke maand je deze behandeling gebruikt en wanneer de dosering voor het laatst veranderde. Neem die twee data mee naar je jaarcontrole en vraag welke metingen bij jouw situatie horen. Wat er gemeten wordt en hoe vaak, bepaalt de arts die je recept beheert. Jij brengt het tijdsverloop in dat nergens anders staat.
Wat hiervan blijft staan
De metingen zijn kort ten opzichte van het gebruik. Tegenover een aandoening die niet overgaat staan trials van achtenzestig weken, met vier jaar als absolute bovengrens bij mensen zonder diabetes. Dat verschil bepaalt hoeveel gewicht je aan welk antwoord kunt hangen.
De vierjaarsmeting zelf bestaat en is groot, maar ze is er per ongeluk: het onderzoek ging over hart en vaten, met gewicht als nevenvraag. Daarom is ook de vraag naar bot en spier, waar veel gebruikers mee zitten, op de langste termijn simpelweg niet gesteld. Dat zegt iets over hoe jong dit onderzoeksveld nog is.
Wat onbeslist blijft is niet één punt maar de hele periode erna. Begin je vandaag en gebruik je dit tien jaar, dan ga je een venster in waar niemand doorheen heeft gekeken. Dat hoeft geen reden te zijn om te stoppen, maar het is wel een reden om te weten wat je niet weet.
Verder bij Recalora
Recalora publiceert ook uitgewerkte protocollen over voeding, eiwit en krachttraining tijdens je behandeling; die staan in het overzicht van afslankmedicatie.
Verwante pagina’s: de bijwerkingen van afslankmedicatie, hoe je onderzoek naar deze medicatie leest, wat deze medicatie in je lichaam doet, stoppen met je medicatie, spierverlies bij gewichtsverlies, vragen die je aan je arts kunt stellen en hart en vaten tijdens je behandeling.
Bewijsoverzicht
Bewijsniveaus in dit overzicht: Sterk betekent meerdere grote gerandomiseerde trials of meta-analyses. Redelijk betekent enkele goede trials of consistente observationele data. Wisselend betekent inconsistente uitkomsten tussen studies. Beperkt betekent vooral mechanistische of preklinische aanwijzingen. Volledige uitleg op de methodologie-pagina.
| Bewering | Bewijsniveau | Bronnen |
|---|---|---|
| Op week 208 was de gemiddelde gewichtsverandering 10,2 procent tegenover 1,5 procent met placebo, en de buikomvang nam 7,7 centimeter af tegenover 1,3 centimeter | Sterk (vooraf vastgelegde analyse binnen een gelote trial; 45 jaar of ouder, BMI 27 of hoger, zonder diabetes en mét bestaande hart- of vaatziekte) | Ryan et al., 2024 (n=17.604) |
| Ernstige ongewenste voorvallen kwamen over 208 weken minder vaak voor in de behandelde groep dan met placebo | Sterk (zelfde analyse en zelfde populatie) | Ryan et al., 2024 (n=17.604) |
| Staken van het onderzoeksmiddel wegens bijwerkingen kwam vaker voor in de behandelde groep (16,6 tegenover 8,2 procent); staken in de behandelde groep kwam vaker voor naarmate de BMI-klasse lager lag | Sterk (zelfde analyse) | Ryan et al., 2024 (n=17.604) |
| Het samengestelde cardiovasculaire eindpunt trad over ruim vier jaar minder vaak op dan met placebo | Sterk (secundaire preventie; zegt niets over mensen zonder bestaande hart- of vaatziekte) | Lincoff et al., 2023 (n=17.604) |
| Over 104 weken bleef het gewichtsverschil met placebo behouden | Redelijk (gelote trial, kleine omvang, 152 deelnemers per groep) | Garvey et al., 2022 (n=304) |
| Bij gebruikers werd over gemiddeld 3,9 jaar geen verhoogd risico op schildklierkanker teruggevonden, hazard ratio 0,93 (0,66 tot 1,31) | Beperkt (nationale registers, actieve vergelijkingsgroep; interval voor de medullaire vorm te breed om iets uit te sluiten) | Pasternak et al., 2024 (n=145.410 tegenover 291.667) |
| Langdurige blootstelling geeft C-cel-tumoren bij knaagdieren | Beperkt (preklinisch, soortverschil, bij mensen niet bevestigd) | EMA-productinformatie, rubriek 5.3 |
| De zeldzame oogzenuwaandoening komt neer op ongeveer één extra geval per tienduizend behandeljaren | Redelijk (regulatoire synthese van niet-klinisch onderzoek, trials, surveillance en literatuur) | European Medicines Agency, 2025; Hathaway et al., 2024 |
| Bot- en spiermassa over meerdere jaren · het beloop bij 65-plussers en postmenopauzale vrouwen · het beloop na jaren gebruik en dan stoppen · de opeenstapeling van meerdere effecten | Niet te graderen | Geen dekkend onderzoek gevonden |
Zonder bewijsniveau. De duur van een onderzoek, het aantal deelnemers en de vraag of een uitkomst wel of niet is gerapporteerd zijn beschrijvingen van de literatuur en geen uitspraken over de zekerheid van een verband. Datzelfde geldt voor de vaststelling dat een frequentie van één op de tienduizend in vier registratieonderzoeken met samen 2.650 blootgestelde deelnemers (productinformatie, rubriek 4.8) niet als patroon zichtbaar kan worden; dat is een rekensom en geen bevinding. Ook de situaties die de productinformatie noemt als reden voor extra aandacht bij controles zijn beschrijvingen en geen gegradeerde verbanden.
Eén correctie op een eerdere versie van dit artikel. Die versie stelde dat de meeste trials “ongeveer drie jaar” dekken. Dat klopt niet: de registratietrials in de obesitaspopulatie liepen 68 tot 104 weken en de enige vierjaarsmeting komt uit een cardiovasculair onderzoek. De zin is vervangen door de werkelijke duren, met de populatie erbij.
Disclaimer
Dit artikel is een onderzoekssynthese van de onderzoeksduur en de langetermijngegevens rond afslankmedicatie, samengesteld uit gerandomiseerde trials, registeronderzoek en regulatoire beoordelingen. Het vervangt geen persoonlijk medisch advies. Afslankmedicatie wordt voorgeschreven door een arts na individuele afweging van medische geschiedenis, BMI, comorbiditeiten en interactie met andere medicatie. Recalora verkoopt geen receptgeneesmiddelen en heeft geen betaalde doorverwijsrelaties met farmaceutische bedrijven, online-apotheken of klinieken. Bij klachten: contacteer huisarts of medisch specialist; bij ernstige klachten: huisartsenpost of 112. Bijwerkingen meld je via lareb.nl.
Over dit artikel
Samengesteld door Ronald de Jong, redacteur onderzoekssynthese bij Recalora. Deze content is een wetenschappelijke synthese, geen persoonlijk medisch advies. Raadpleeg je arts bij klachten.
Van de redacteur: het beste langetermijngegeven van dit hele veld komt uit een studie die er niet voor was opgezet. Gewicht was in die vier jaar een vooraf vastgelegde nevenvraag naast hart en vaten. Daarom staat dat feit midden in het artikel en niet in een voetnoot: het bepaalt hoe zwaar alles eronder weegt.
Voor het laatst geactualiseerd: 2026-09 (redactionele actualisatiecyclus, dit is geen medische reviewdatum). Dit artikel is niet klinisch gereviewd. Onze werkwijze en bronselectie staan op /methodologie/.
Dit artikel beschrijft hoe lang afslankmedicatie is onderzocht en welke uitkomsten in die periode wel en niet zijn vastgelegd. Het bevat geen doseringsinformatie, geen titratieschema en geen toedieningsinstructie: dat is voorbehouden aan je voorschrijver en aan de bijgeleverde gebruiksaanwijzing. De genoemde onderzoeksuitkomsten zijn groepsgemiddelden en voorspellen geen individueel resultaat. Afslankmedicatie is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar. Wijzig nooit zelfstandig je dosering. Bijwerkingen kun je melden bij Bijwerkingencentrum Lareb (lareb.nl). Recalora levert onderzoekssynthese, geen individueel medisch advies, en heeft geen commerciële relatie met fabrikanten of klinieken.
Veelgestelde vragen
Hoe lang is afslankmedicatie eigenlijk onderzocht?
Wat gebeurt er als je deze medicatie jarenlang gebruikt?
Worden de bijwerkingen erger naarmate je langer doorgaat?
Is er onderzoek dat langer dan vier jaar loopt?
Wat weten we niet over langdurig gebruik?
Moet je je bloed laten controleren als je dit lang gebruikt?
Bronnen
- Wilding JPH, Batterham RL, Calanna S, Davies M, Van Gaal LF, Lingvay I, McGowan BM, Rosenstock J, Tran MTD, Wadden TA, Wharton S, Yokote K, Zeuthen N, Kushner RF (2021). Once-Weekly Semaglutide in Adults with Overweight or Obesity (STEP 1). New England Journal of Medicine. 384(11):989-1002. · PMID: 33567185 [RCT, n=1.961, 68 weken, zonder diabetes] bron
- Jastreboff AM, Aronne LJ, Ahmad NN, Wharton S, Connery L, Alves B, Kiyosue A, Zhang S, Liu B, Bunck MC, Stefanski A (2022). Tirzepatide Once Weekly for the Treatment of Obesity (SURMOUNT-1). New England Journal of Medicine. 387(3):205-216. · PMID: 35658024 [Fase 3-RCT, n=2.539, 72 weken, zonder diabetes] bron
- Garvey WT, Batterham RL, Bhatta M, Buscemi S, Christensen LN, Frias JP, Jódar E, Kandler K, Rigas G, Wadden TA, Wharton S (2022). Two-year effects of semaglutide in adults with overweight or obesity: the STEP 5 trial. Nature Medicine. 28(10):2083-2091. · PMID: 36216945 [RCT, n=304, 104 weken, zonder diabetes] bron
- Ryan DH, Lingvay I, Deanfield J, Kahn SE, Barros E, Burguera B, Colhoun HM, Cercato C, Dicker D, Horn DB, Hovingh GK, Jeppesen OK, Kokkinos A, Lincoff AM, Meyhöfer SM, Oral TK, Plutzky J, van Beek AP, Wilding JPH, Kushner RF (2024). Long-term weight loss effects of semaglutide in obesity without diabetes in the SELECT trial. Nature Medicine. 30(7):2049-2057. · PMID: 38740993 [Vooraf vastgelegde analyse binnen een RCT, n=17.604, 208 weken] bron
- Lincoff AM, Brown-Frandsen K, Colhoun HM, Deanfield J, Emerson SS, Esbjerg S, Hardt-Lindberg S, Hovingh GK, Kahn SE, Kushner RF, Lingvay I, Oral TK, Michelsen MM, Plutzky J, Tornøe CW, Ryan DH (2023). Semaglutide and Cardiovascular Outcomes in Obesity without Diabetes (SELECT). New England Journal of Medicine. 389(24):2221-2232. · PMID: 37952131 [RCT, n=17.604, 45 jaar en ouder, BMI 27 of hoger, zonder diabetes, mét bestaande hart- of vaatziekte] bron
- Marso SP, Daniels GH, Brown-Frandsen K, Kristensen P, Mann JF, Nauck MA, Nissen SE, Pocock S, Poulter NR, Ravn LS, Steinberg WM, Stockner M, Zinman B, Bergenstal RM, Buse JB (2016). Liraglutide and Cardiovascular Outcomes in Type 2 Diabetes (LEADER). New England Journal of Medicine. 375(4):311-322. · PMID: 27295427 [RCT, n=9.340, mediaan 3,8 jaar, uitsluitend type-2-diabetes] bron
- Gerstein HC, Colhoun HM, Dagenais GR, Diaz R, Lakshmanan M, Pais P, Probstfield J, Riesmeyer JS, Riddle MC, Rydén L, Xavier D, Atisso CM, Dyal L, Hall S, Rao-Melacini P, Wong G, Avezum A, Basile J, Chung N, Conget I, Cushman WC, Franek E, Hancu N, Hanefeld M, Holt S, Jansky P, Keltai M, Lanas F, Leiter LA, Lopez-Jaramillo P, Cardona Munoz EG, Pirags V, Pogosova N, Raubenheimer PJ, Shaw JE, Sheu WH, Temelkova-Kurktschiev T (2019). Dulaglutide and cardiovascular outcomes in type 2 diabetes (REWIND). The Lancet. 394(10193):121-130. · PMID: 31189511 [RCT, n=9.901, mediaan 5,4 jaar, uitsluitend type-2-diabetes] bron
- Pasternak B, Wintzell V, Hviid A, Eliasson B, Gudbjörnsdottir S, Jonasson C, Hveem K, Svanström H, Melbye M, Ueda P (2024). Glucagon-like peptide 1 receptor agonist use and risk of thyroid cancer: Scandinavian cohort study. BMJ. 385:e078225. · PMID: 38683947 [Cohortstudie op nationale registers, Denemarken, Noorwegen en Zweden, 2007-2021] bron
- Hathaway JT, Shah MP, Hathaway DB, Zekavat SM, Krasniqi D, Gittinger JW Jr, Cestari D, Mallery R, Abbasi B, Bouffard M, Chwalisz BK, Estrela T, Rizzo JF 3rd (2024). Risk of Nonarteritic Anterior Ischemic Optic Neuropathy in Patients Prescribed Semaglutide. JAMA Ophthalmology. 142(8):732-739. · PMID: 38958939 [Retrospectieve gematchte cohortstudie, één academisch verwijscentrum] bron
- European Medicines Agency - Pharmacovigilance Risk Assessment Committee (2025). PRAC concludes eye condition NAION is a very rare side effect of semaglutide medicines. 6 juni 2025, herzien 13 juni 2025. [Regulatoire beoordeling] bron
- European Medicines Agency (2026). Productinformatie GLP-1-geneesmiddelen, rubriek 4.8 en 5.3. [Registratiedocumenten] bron
- College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. [Registratieautoriteit NL] bron
- Bijwerkingencentrum Lareb. [Meldpunt bijwerkingen NL] bron
- Farmacotherapeutisch Kompas. [Voorschrijfkader NL] bron
Verder lezen
Alcohol tijdens afslankmedicatie: wat een tragere maag ermee doet en waar de meting ophoudt
Alcohol tijdens afslankmedicatie is volgens de productinformatie niet verboden, maar je oude tolerantie is geen betrouwbaar ijkpunt meer.…
Lees verderStoppen met afslankmedicatie: wat er daarna gebeurt en wat erover is gemeten
Na stoppen met afslankmedicatie valt de werking van het middel weg: je eetlust en een deel van je…
Lees verderWaarom bijwerkingen per persoon verschillen: wat het verschil maakt en wat onverklaard blijft
Waarom bijwerkingen per persoon verschillen is deels te verklaren, maar niet vooraf te voorspellen. Het zwaarst weegt waar…
Lees verder