Recalora verkoopt geen GLP-1-medicatie en heeft geen commerciële binding met farmaceutische fabrikanten. Deze content is voorlichtend en vervangt geen consult met je huisarts, internist of endocrinoloog.Recalora verkoopt geen GLP-1-medicatie en heeft geen commerciële binding met farmaceutische fabrikanten. Deze content is voorlichtend en vervangt geen consult met je huisarts, internist of endocrinoloog. Hoe wij werken

Afslankmedicatie

Hart en vaten tijdens afslankmedicatie: wat er meebeweegt en waar je arts op let

Educatief, geen medisch advies. Recalora verkoopt geen medicatie.

Volledige toelichting

Dit artikel is educatief van aard. Afslankmedicatie is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar via huisarts, internist of specialist. Recalora verkoopt geen afslankmedicatie en heeft geen commerciële binding met farmaceutische fabrikanten. Deze content is voorlichtend en vervangt geen consult. Wijzig nooit zelfstandig je medicatie voor hart, bloeddruk of cholesterol. Bij tekenen van een hartinfarct of beroerte: bel 112.

Snel antwoord

Tijdens afslankmedicatie bewegen hart en vaten in twee richtingen: je hartslag in rust ligt vaak iets hoger en je bovendruk daalt gemiddeld. In de registratiestudies ging de hartslag gemiddeld drie slagen per minuut omhoog vanaf een uitgangswaarde van 72. Gebruik je al bloeddrukmedicatie, dan kan die door de lagere bloeddruk te sterk worden. Duizelig worden bij opstaan kan daar een signaal van zijn. Meld dat bij de arts die die medicatie voorschrijft, want hij beslist of er iets aan moet veranderen.

Snelle samenvatting

  • Een iets hogere hartslag hoort bij het beeld. Gemiddeld drie slagen per minuut in de registratiestudies.
  • De bovendruk gaat gemiddeld omlaag. Ruim vijf millimeter kwik ten opzichte van placebo.
  • Duizelig bij opstaan is een signaal, geen bijkomstigheid. Meld het, want het kan met je bloeddrukmedicatie te maken hebben.
  • Het grote hart- en vaatonderzoek ging over één specifieke groep. Mensen met een bestaande hart- of vaatziekte.
  • Wat er na het staken met dat beeld gebeurt, is niet gepubliceerd.

Waarom je hartslag hoger ligt dan je gewend bent

Je hartslag ligt hoger door het middel zelf en niet door je conditie. Draag je een smartwatch, dan zie je het als eerste: je rusthartslag staat hoger dan je van jezelf kent. Dat voelt tegenstrijdig, want je valt af en je zou verwachten dat je hart het juist rustiger krijgt.

Deze medicatie werkt op receptoren die onder meer in het hart voorkomen. De hogere hartslag in rust staat als bijwerking in de Europese productinformatie en is gemiddeld klein: drie slagen per minuut, gemeten vanaf een uitgangswaarde van 72 (European Medicines Agency, 2026). Wat daarbij hoort is de spreiding eromheen. Van de behandelde deelnemers had 67,0 procent op enig moment een toename van tien slagen of meer ten opzichte van hun uitgangswaarde, tegenover 50,1 procent in de placebogroep.

Zet die twee getallen naast elkaar en je ziet waarom het gemiddelde weinig zegt. Een gemiddelde van drie slagen kan bij één persoon acht slagen zijn en bij een ander nul. Je eigen uitgangspunt bepaalt welk getal überhaupt over jou gaat. Zat je normaal op 58, dan merk je een sprong naar 68 direct. Zat je op 78, dan merk je hetzelfde verschil nauwelijks.

Twee mensen met hetzelfde verschil in rusthartslag. Bij een rusthartslag van 58 valt een sprong naar 68 direct op. Bij 78 valt hetzelfde verschil nauwelijks op. In de groep gaat het om gemiddeld drie slagen per minuut vanaf 72. Zo'n gemiddelde kan bij de een acht slagen zijn en bij de ander nul. Een toename van tien slagen of meer op enig moment zag je bij 67,0 procent met medicatie en bij 50,1 procent met placebo.
Hetzelfde verschil in rusthartslag, twee uitgangspunten
Recalora

In de productinformatie met die gemiddelde drie slagen staat niet of een hogere hartslag aanhoudt of later weer zakt. Voor jou telt dus niet of je hartslag omhoog gaat maar of hij aanhoudend hoog blijft en of je er iets bij voelt. Hartkloppingen die aanhouden, een onregelmatige slag of kortademigheid horen bij je arts en niet bij een grafiekje in een app.

Wat er meebeweegt zodra het gewicht daalt

Tijdens de behandeling daalt gemiddeld ook je bovendruk, de andere kant op dan je hartslag. Van alles wat meebeweegt merk je de bloeddruk zelf het meest. De productinformatie noemt de lagere bovendruk een effect van het middel in de klinische studies. Er staat niet bij hoeveel daarvan via het gewichtsverlies loopt.

In de registratiestudie over 68 weken daalde de bovendruk in de behandelde groep met 6,2 millimeter kwik vanaf een uitgangswaarde van 126, tegenover 1,1 millimeter met placebo. Het verschil met placebo bedroeg 5,1 millimeter kwik, met een betrouwbaarheidsinterval van 6,3 tot 3,9 (European Medicines Agency, 2026). Dat is een bescheiden daling op groepsniveau. Bij iemand die al bloeddrukmedicatie gebruikt kan het genoeg zijn om de bloeddruk te laag te laten uitvallen.

Drie kaarten naast elkaar over begin- en eindwaarden. Rusthartslag: gemiddeld 3 slagen per minuut hoger, vanaf 72 bij de start; registratiestudies, gepoold, rubriek 4.8; bewijs redelijk. Bovendruk: over 68 weken 6,2 mmHg lager, tegenover 1,1 met placebo, vanaf 126 bij de start; verschil 5,1 (6,3 tot 3,9); gelote fase 3-trial, rubriek 5.1; bewijs sterk. Niet onderzocht en dus niet bekend: hoeveel van de bloeddrukdaling via het gewichtsverlies loopt, en het verloop van de hartslag in de tijd. Hartslag hoger, bovendruk lager; ze heffen elkaar niet op; gemeten zijn alleen begin- en eindwaarden. Duizelig bij opstaan: meld het bij de arts die je bloeddrukmedicatie voorschrijft. Bron: Europese productinformatie, rubriek 4.8 en 5.1 (European Medicines Agency, 2026).
Twee richtingen tegelijk
Recalora

Duizelig worden bij opstaan uit een stoel is niet iets om aan te wennen. Het staat als bijwerking in de productinformatie, samen met een lagere bloeddruk in het algemeen. Het kan betekenen dat je huidige bloeddrukmiddel te sterk is geworden voor je nieuwe situatie. Wat daar moet gebeuren beoordeelt de arts die die medicatie voorschreef.

Naast je bloeddruk veranderen tijdens de behandeling ook je bloedvetten en je glucosewaarden. Hoe die getallen zich tot elkaar verhouden en wat je eraan kunt aflezen, is een onderwerp op zich. Hoe je zulke uitkomsten leest staat in de leeswijzer bij onderzoeksgetallen.

Goed om te weten

Een hogere hartslag en een lagere bloeddruk heffen elkaar niet op. Ze vragen elk een ander gesprek: een rusthartslag die hoog blijft bespreek je met de arts die je recept beheert, duizeligheid bij opstaan met de arts die je bloeddrukmedicatie voorschrijft.

Het onderzoek waar iedereen naar wijst en wie erin zat

Op vrijwel elke pagina over dit onderwerp kom je hetzelfde grote hart- en vaatonderzoek tegen. Het ging over mensen die al een hart- of vaatziekte hadden. Het wordt bijna altijd samengevat met één relatief percentage, maar zelden staat erbij wie er meededen. Juist daar hangt alles van af.

Het ging om 17.604 deelnemers. Ze waren 45 jaar of ouder, hadden een BMI van 27 of hoger, hadden géén diabetes en hadden wél een bestaande hart- of vaatziekte (Lincoff et al., 2023). Dat laatste is geen bijzaak. Alle deelnemers hadden al iets gehad of iets vastgesteld gekregen. Dat maakt dit een onderzoek naar secundaire preventie: naar wat er gebeurt bij mensen bij wie het al een keer is misgegaan.

Het eindpunt was samengesteld. Geteld werd de eerste keer dat iemand overleed aan een hart- of vaatoorzaak, een hartinfarct kreeg dat hij overleefde, of een beroerte kreeg die hij overleefde. Die drie samen traden op bij 6,5 procent van de behandelde groep tegenover 8,0 procent in de placebogroep. De hazard ratio bedroeg 0,80, met een betrouwbaarheidsinterval van 0,72 tot 0,90 (Lincoff et al., 2023). Een hazard ratio van 0,80 betekent dat het risico op zo’n gebeurtenis in de behandelde groep relatief 20 procent lager lag dan in de placebogroep. Dat is het percentage waarmee het onderzoek wordt samengevat.

Schrijf het verschil tussen 6,5 en 8,0 procent eens per honderd mensen uit. Van honderd deelnemers in de behandelde groep maakten er zes à zeven zo’n gebeurtenis mee; in de placebogroep waren dat er acht. Dat is het verschil dat achter de hazard ratio zit, over een gemiddelde opvolging van ruim drie jaar, bij mensen die allemaal al een hart- of vaatziekte hadden. De korte versie met alleen het relatieve percentage verkoopt beter dan deze uitgeschreven versie en reist daarom verder.

Waarom dat verschil ertoe doet, zie je aan wat het cijfer níet dekt. Over iemand van 38 zonder hart- of vaatgeschiedenis zegt dit onderzoek niets. Het zegt niet dat het bij hem ook zo werkt en ook niet dat het bij hem niet zo werkt. Hij zat er domweg niet in. Voor hem is de vraag daarmee onbeantwoord gebleven.

Er is ook een statistische reden waarom de populatie hier bepalend is. Hoe vaker een gebeurtenis in de uitgangssituatie voorkomt, hoe meer een relatieve verlaging in absolute aantallen oplevert. Bij een groep waar de kans op zo’n gebeurtenis veel lager ligt, zou dezelfde verhouding een veel kleiner absoluut verschil geven. Dat detail in de opzet verdient meer aandacht dan het krijgt, want het is de reden dat een percentage uit deze studie zich niet naar een andere groep laat verhuizen.

Twee lijnen vanuit de oorsprong, zonder en met behandeling, met een waaier ertussen: het verschil per honderd groeit naarmate de uitgangskans hoger ligt en is klein waar die laag ligt.
Dezelfde verhouding, een ander verschil
Recalora

Ik beperk me hier tot wat het onderzoek zegt en niet wat fabrikanten claimen. Welk gewicht deze uitkomst in jouw situatie heeft, weegt de arts die je behandeling instelt. Die neemt daar meer in mee dan dit ene cijfer.

Waarom die uitkomst niet naar andere groepen reist

Rond dit onderwerp liggen nog drie grote onderzoeken. Hun uitkomsten gelden niet vanzelf voor mensen zonder diabetes, al worden ze voortdurend op één hoop gegooid.

Bij volwassenen met type-2-diabetes en een verhoogd hart- en vaatrisico is drie keer een vergelijkbaar samengesteld eindpunt onderzocht. Het LEADER-onderzoek volgde 9.340 deelnemers over mediaan 3,8 jaar (Marso et al., 2016). Het SUSTAIN-6-onderzoek telde 3.297 deelnemers en liep korter (Marso et al., 2016). Het REWIND-onderzoek volgde 9.901 deelnemers van 50 jaar en ouder over mediaan 5,4 jaar (Gerstein et al., 2019). Alle drie gingen over mensen met diabetes, die het middel om die reden kregen voorgeschreven.

Het mechanisme is hetzelfde, maar de doelgroep niet. Een uitkomst bij mensen met diabetes zegt niet vanzelf iets over mensen zonder, want de uitgangskans verschilt, de bijkomende medicatie verschilt en de reden voor de behandeling verschilt. Wie deze vier onderzoeken in één tabel zet en de percentages naast elkaar legt, maakt een vergelijking die geen van die onderzoeken zelf heeft gemaakt.

Er ligt daarnaast onderzoek bij mensen met hartfalen met behouden ejectiefractie én obesitas (Kosiborod et al., 2023). Dat is een vierde populatie. De uitkomstmaten waren symptomen en lichamelijk functioneren en niet hart- en vaatgebeurtenissen. Het staat hier omdat het vaak in hetzelfde rijtje wordt genoemd terwijl het iets anders meet.

Een populatiekaart met per trial een cirkel op schaal van het aantal deelnemers, verdeeld naar diabetes en hart- en vaatrisico, met een leeg vlak voor mensen zonder hart- of vaatgeschiedenis.
Wie in welk onderzoek zat
Recalora

Waar je arts op controleert en waarom dat niet stopt

Je arts let bij hart en vaten meestal op vier dingen. Dat blijft hij doen zolang de behandeling loopt, want je lichaam verandert onderweg. Welke controles precies en hoe vaak verschilt per persoon en per uitgangssituatie. Een richtlijn geeft het kader en de invulling is maatwerk.

Je bloeddruk, herhaald gemeten. Dat gebeurt niet één keer bij de start maar opnieuw naarmate je gewicht zakt, omdat de behoefte aan bloeddrukmedicatie kan veranderen terwijl je hetzelfde doosje blijft gebruiken.

Je hartslag in rust. Die krijgt vooral aandacht wanneer je zelf iets merkt of al een hartaandoening hebt waarbij de frequentie meetelt.

Je bloedvetten en je glucosewaarden. Die veranderen tijdens de behandeling en zijn onderdeel van hetzelfde plaatje.

Je overige medicatie. Dit onderdeel wordt makkelijk overgeslagen. Gebruik je bloeddrukmiddelen, plaspillen, cholesterolverlagers of antistolling, dan verandert je situatie terwijl het gewicht daalt. Dat vraagt om een blik van degene die die middelen voorschrijft.

Zelf lever je het verloop tussen twee afspraken. Een enkele meting op de praktijk zegt minder dan een reeks metingen thuis over twee weken, zeker als je erbij noteert of je duizelig was.

Wat je met je bestaande hart- en vaatmedicatie doet

Niets, op eigen houtje.

Bloeddrukmiddelen, cholesterolverlagers en antistolling worden niet gehalveerd, overgeslagen of gestopt omdat je gewicht daalt of omdat je ergens hebt gelezen dat deze behandeling ook iets met hart en vaten doet. Dat geldt ook wanneer je bloeddruk mooi is geworden, want juist dán is de vraag of het middel nog nodig is een medische afweging en geen conclusie die je zelf trekt.

Aan jouw kant van die grens kun je wél iets concreets doen. Neem je actuele medicatielijst mee naar elk consult, inclusief wat je bij de drogist haalt. Meld het als je duizelig wordt bij opstaan, want dat is een signaal waarop een dosering herzien kan worden. En vraag bij de start welke controles er in jouw situatie horen en wanneer die plaatsvinden, zodat er een afspraak ligt in plaats van een voornemen.

Wat je zelf kunt doen

Meet twee weken lang je bloeddruk thuis op vaste momenten en noteer er per keer bij of je duizelig was bij opstaan. Neem die reeks mee naar je controle, samen met je volledige medicatielijst. Of er iets aan je bloeddruk- of cholesterolmedicatie moet veranderen, beoordeelt de arts die die medicatie voorschreef. Met jouw reeks hoeft hij niet naar het verloop te raden.

Wanneer je belt en wanneer je 112 belt

Wat je merkt Wat je doet Wie je belt
Drukkend of beklemmend gevoel op de borst, uitstralend naar arm, kaak of rug, of plotselinge kortademigheid Direct bellen, niet afwachten, niet zelf rijden 112
Plotseling een scheve mond, verwarde spraak of krachtverlies aan één kant Direct bellen, ook als het weer wegtrekt 112
Aanhoudende hartkloppingen, een onregelmatige hartslag of flauwvallen Nog dezelfde dag contact opnemen, ook ’s avonds en in het weekend Je huisarts, of buiten kantooruren de huisartsenpost
Duizelig bij opstaan, meerdere dagen achter elkaar Een afspraak maken bij de eerstvolgende gelegenheid De arts die je bloeddrukmedicatie voorschrijft
Een rusthartslag die aanhoudend hoger blijft dan je van jezelf kent Bespreken bij je volgende controle, met je metingen erbij De arts die je recept beheert

Bij de bovenste twee regels geldt geen tussenstap. Twijfel je of het ernstig genoeg is, dan is dat op zichzelf de reden om te bellen.

Wat er niet is gemeten

Op drie plekken houdt het bewijs op.

Bij mensen zonder hart- of vaatgeschiedenis. Het grote onderzoek dekt die groep niet. Dat is geen omissie, want de studie was opgezet om iets over een hoogrisicogroep te weten te komen. Er is geen trial naar hart- en vaatuitkomsten gepubliceerd die deze groep wel dekt.

Na het staken. Er is niets gepubliceerd over de vraag of het gevonden verschil blijft bestaan nadat de behandeling is gestopt. Dat is meer dan een detail, want het bepaalt hoe je de uitkomst leest. Wat er over stoppen wél bekend is, staat bij stoppen met je medicatie.

Waar het verschil vandaan komt. Nergens is uitgesplitst hoeveel van het gevonden effect via het gewichtsverlies loopt en hoeveel langs een andere route. Welke route zwaarder weegt is dus nog open.

Wat hiervan blijft staan

Wie er in het grote hart- en vaatonderzoek mocht meedoen, wordt opvallend zelden meegeciteerd. Het relatieve percentage reist overal naartoe en de zin “iedereen had al een hart- of vaatziekte” blijft achter. Daarmee verandert een bevinding over een hoogrisicogroep stilzwijgend in een eigenschap van een middel. Dat is een ander soort uitspraak.

Je hartslag gaat omhoog terwijl je bloeddruk omlaag gaat. Met zo’n beeld kan een korte samenvatting niets. Hoor je alleen van de hartslag, dan schrik je. Hoor je alleen van de bloeddruk, dan ben je gerustgesteld. Geen van beiden weet wat hij bij de volgende controle moet vragen.

De duizeligheid bij opstaan weegt zwaarder dan ze lijkt. Het is geen spectaculaire bijwerking maar wel de meest concrete aanleiding om contact op te nemen. Er kan een medicatiebeslissing achter zitten die niemand ziet zolang jij er niets over zegt.

Wat onbeslist blijft is wat er na het staken met dat hele beeld gebeurt. Daar ligt geen publicatie over, terwijl wie aan stoppen denkt die vraag vanzelf stelt.

Verder bij Recalora

Recalora publiceert ook uitgewerkte protocollen over voeding, eiwit en krachttraining tijdens je behandeling; die staan in het overzicht van afslankmedicatie.
Verwante pagina’s: hoe je onderzoek naar deze medicatie leest, de bijwerkingen van afslankmedicatie, wat deze medicatie in je lichaam doet, stoppen met je medicatie, vragen die je aan je arts kunt stellen en wanneer een gewichtsbehandeling wordt vergoed.

Bewijsoverzicht

Bewijsniveaus in dit overzicht: Sterk betekent meerdere grote gerandomiseerde trials of meta-analyses. Redelijk betekent enkele goede trials of consistente observationele data. Wisselend betekent inconsistente uitkomsten tussen studies. Beperkt betekent vooral mechanistische of preklinische aanwijzingen. Volledige uitleg op de methodologie-pagina.

Bewering Bewijsniveau Bronnen
Het samengestelde eindpunt van hart- en vaatoverlijden, niet-fataal hartinfarct en niet-fatale beroerte trad op bij 6,5 procent tegenover 8,0 procent met placebo, hazard ratio 0,80 (0,72 tot 0,90) Sterk (gelote trial; 45 jaar of ouder, BMI 27 of hoger, zonder diabetes en mét bestaande hart- of vaatziekte; zegt niets over mensen zonder die voorgeschiedenis) Lincoff et al., 2023 (n=17.604)
De bovendruk daalde over 68 weken met 6,2 mmHg tegenover 1,1 mmHg met placebo, verschil 5,1 mmHg (6,3 tot 3,9) Sterk (gelote fase 3-trial, volwassenen met overgewicht of obesitas zonder diabetes) EMA-productinformatie, rubriek 5.1
De hartslag steeg gemiddeld met 3 slagen per minuut vanaf een uitgangswaarde van 72; een toename van 10 slagen of meer trad op bij 67,0 procent tegenover 50,1 procent Redelijk (gepoolde rapportage uit het fase 3a-programma; geen aparte trialpublicatie) EMA-productinformatie, rubriek 4.8
Bij volwassenen met type-2-diabetes en verhoogd hart- en vaatrisico trad het samengestelde eindpunt minder vaak op dan met placebo Sterk (drie gelote trials; uitsluitend type-2-diabetes, niet overdraagbaar naar gewichtsbehandeling zonder diabetes) Marso et al., 2016 (LEADER en SUSTAIN-6); Gerstein et al., 2019 (REWIND)
Bij hartfalen met behouden ejectiefractie én obesitas verbeterden symptomen en lichamelijk functioneren Redelijk (gelote trial; uitkomstmaten zijn symptomen en functie, geen hart- en vaatgebeurtenissen) Kosiborod et al., 2023
Het beloop bij mensen zonder hart- of vaatgeschiedenis · wat er na staken met dit beeld gebeurt · het verloop van de hartslag in de tijd · welk deel van de bloeddrukdaling en van het verschil in hart- en vaatgebeurtenissen via het gewichtsverlies loopt Niet te graderen Geen dekkend onderzoek gevonden

Zonder bewijsniveau. Dat een verhoogde hartslag, hypotensie en orthostatische hypotensie als bijwerking in de productinformatie staan, is een regulatoire vaststelling en geen uitspraak over de zekerheid van een verband. Datzelfde geldt voor het triage-advies bij alarmsymptomen, voor de opsomming van wat er in een consult wordt gecontroleerd, en voor de rekenregel dat een relatieve verlaging bij een hogere uitgangskans meer absolute gevallen scheelt. Dat laatste is rekenkunde en geen bevinding.

Wat uit een eerdere versie is weggelaten. Die versie zette vijf trials met hun hazard ratio’s in één tabel naast elkaar. Die tabel staat hier niet: vijf uitkomstmaten uit vijf verschillende populaties in één raster lezen als een rangorde, terwijl geen van die trials tegen een andere is uitgevoerd. De bevindingen staan nu elk afzonderlijk in de lopende tekst, met hun eigen populatie erbij.

Disclaimer

Dit artikel is een onderzoekssynthese van wat er tijdens een gewichtsbehandeling met hart en vaten gebeurt en van de gerandomiseerde trials daarover. Het vervangt geen persoonlijk medisch advies. Wijzig nooit zelfstandig je medicatie voor bloeddruk, cholesterol of antistolling. Afslankmedicatie wordt voorgeschreven door een arts na individuele afweging van medische geschiedenis, BMI, comorbiditeiten en interactie met andere medicatie. Recalora verkoopt geen receptgeneesmiddelen en heeft geen betaalde doorverwijsrelaties met farmaceutische bedrijven, online-apotheken of klinieken. Bij tekenen van een hartinfarct of beroerte: bel 112. Bij andere klachten: contacteer huisarts of medisch specialist. Bijwerkingen meld je via lareb.nl.

Over dit artikel

Samengesteld door Ronald de Jong, redacteur onderzoekssynthese bij Recalora. Deze content is een wetenschappelijke synthese, geen persoonlijk medisch advies. Raadpleeg je arts bij klachten.

Van de redacteur: het bruikbaarste stuk informatie in deze bronnen is niet het percentage maar de zin over duizeligheid bij opstaan. Die staat in de productinformatie weggezet tussen de bijwerkingen, terwijl er een beslissing over je bloeddrukmedicatie achter kan zitten. Ik heb die zin daarom een eigen alinea gegeven en het grote getal juist minder ruimte.

Voor het laatst geactualiseerd: 2026-09 (redactionele actualisatiecyclus, dit is geen medische reviewdatum). Dit artikel is niet klinisch gereviewd. Onze werkwijze en bronselectie staan op /methodologie/.

Dit artikel beschrijft wat er tijdens medisch begeleid gewichtsverlies met hart en vaten gebeurt en welke uitkomsten daarover in gerandomiseerd onderzoek zijn vastgelegd. Het bevat geen doseringsinformatie, geen titratieschema en geen toedieningsinstructie: dat is voorbehouden aan je voorschrijver en aan de bijgeleverde gebruiksaanwijzing. De genoemde onderzoeksuitkomsten zijn groepsgemiddelden uit specifieke populaties en voorspellen geen individueel resultaat. Wijzig nooit zelfstandig je medicatie voor bloeddruk, cholesterol of antistolling. Afslankmedicatie is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar. Bij tekenen van een hartinfarct of beroerte: bel 112. Bijwerkingen kun je melden bij Bijwerkingencentrum Lareb (lareb.nl). Recalora levert onderzoekssynthese, geen individueel medisch advies, en heeft geen commerciële relatie met fabrikanten of klinieken.

Veelgestelde vragen

Waarom is mijn hartslag hoger sinds ik deze medicatie gebruik?
Een licht verhoogde hartslag hoort bij deze middelen en staat als bijwerking in de productinformatie. In de registratiestudies ging het gemiddeld om drie slagen per minuut vanaf een uitgangswaarde van 72, met een grote spreiding eromheen. Houdt het aan of voel je hartkloppingen, dan hoort dat bij je arts.
Wat gebeurt er met je bloeddruk als je afvalt met medicatie?
Gemiddeld daalt je bovendruk. In de studie over 68 weken ging het om 6,2 millimeter kwik in de behandelde groep tegenover 1,1 met placebo. Word je duizelig bij opstaan, meld dat dan: je bestaande bloeddrukmedicatie kan te sterk zijn geworden voor je nieuwe situatie.
Moet je je cholesterolmedicatie aanpassen tijdens je behandeling?
Dat beslist de arts die die medicatie voorschreef en niemand anders. Je bloedvetten kunnen meebewegen met je gewicht. Of dat reden is om iets te veranderen hangt af van je volledige risicoprofiel. Stop of verlaag nooit zelf.
Voor wie is dit onderzoek naar hart- en vaatziekten eigenlijk gedaan?
Voor volwassenen van 45 jaar en ouder met een BMI van 27 of hoger, zonder diabetes en mét een bestaande hart- of vaatziekte. Dat is een groep met een verhoogd uitgangsrisico. Over mensen zonder die voorgeschiedenis doet het onderzoek geen uitspraak.
Waar controleert je arts op tijdens een gewichtsbehandeling?
Meestal op je bloeddruk bij herhaling, je bloedvetten, je glucosewaarden, je overige medicatie en je hartslag in rust wanneer je er iets bij merkt. Wat er in jouw situatie bij hoort en hoe vaak, bepaalt de arts die je behandeling instelt.
Wanneer moet je met hartklachten direct hulp zoeken?
Bel 112 bij een drukkend gevoel op de borst dat uitstraalt naar arm, kaak of rug, bij plotselinge kortademigheid en bij een scheve mond, verwarde spraak of krachtverlies aan één kant. Dat geldt ook als de klacht weer wegtrekt. Bij aanhoudende hartkloppingen of flauwvallen bel je dezelfde dag je huisarts of de huisartsenpost.

Bronnen

  1. Lincoff AM, Brown-Frandsen K, Colhoun HM, Deanfield J, Emerson SS, Esbjerg S, Hardt-Lindberg S, Hovingh GK, Kahn SE, Kushner RF, Lingvay I, Oral TK, Michelsen MM, Plutzky J, Tornøe CW, Ryan DH (2023). Semaglutide and Cardiovascular Outcomes in Obesity without Diabetes (SELECT). New England Journal of Medicine. 389(24):2221-2232. · PMID: 37952131 [RCT, n=17.604, 45 jaar en ouder, BMI 27 of hoger, zonder diabetes, mét bestaande hart- of vaatziekte] bron
  2. Marso SP, Daniels GH, Brown-Frandsen K, Kristensen P, Mann JF, Nauck MA, Nissen SE, Pocock S, Poulter NR, Ravn LS, Steinberg WM, Stockner M, Zinman B, Bergenstal RM, Buse JB (2016). Liraglutide and Cardiovascular Outcomes in Type 2 Diabetes (LEADER). New England Journal of Medicine. 375(4):311-322. · PMID: 27295427 [RCT, n=9.340, mediaan 3,8 jaar, uitsluitend type-2-diabetes] bron
  3. Marso SP, Bain SC, Consoli A, Eliaschewitz FG, Jódar E, Leiter LA, Lingvay I, Rosenstock J, Seufert J, Warren ML, Woo V, Hansen O, Holst AG, Pettersson J, Vilsbøll T (2016). Semaglutide and Cardiovascular Outcomes in Patients with Type 2 Diabetes (SUSTAIN-6). New England Journal of Medicine. 375(19):1834-1844. · PMID: 27633186 [RCT, n=3.297, uitsluitend type-2-diabetes] bron
  4. Gerstein HC, Colhoun HM, Dagenais GR, Diaz R, Lakshmanan M, Pais P, Probstfield J, Riesmeyer JS, Riddle MC, Rydén L, Xavier D, Atisso CM, Dyal L, Hall S, Rao-Melacini P, Wong G (2019). Dulaglutide and cardiovascular outcomes in type 2 diabetes (REWIND). The Lancet. 394(10193):121-130. · PMID: 31189511 [RCT, n=9.901, mediaan 5,4 jaar, uitsluitend type-2-diabetes] bron
  5. Kosiborod MN, Abildstrøm SZ, Borlaug BA, Butler J, Rasmussen S, Davies M, Hovingh GK, Kitzman DW, Lindegaard ML, Møller DV, Shah SJ, Treppendahl MB, Verma S, et al. (2023). Semaglutide in Patients with Heart Failure with Preserved Ejection Fraction and Obesity (STEP-HFpEF). New England Journal of Medicine. 389(12):1069-1084. · PMID: 37622681 [RCT; uitkomstmaten symptomen en lichamelijk functioneren] bron
  6. Lundgren JR, Janus C, Jensen SBK, Juhl CR, Olsen LM, Christensen RM, Svane MS, Bandholm T, Bojsen-Møller KN, Blond MB, Jensen JB, Stallknecht BM, Holst JJ, Madsbad S, Torekov SS (2021). Healthy Weight Loss Maintenance with Exercise, Liraglutide, or Both Combined. New England Journal of Medicine. 384(18):1719-1730. · PMID: 33951361 [Gelote vierarmige trial, n=195, volwassenen met obesitas zonder diabetes] bron
  7. European Medicines Agency (2026). Productinformatie GLP-1-geneesmiddelen, rubriek 4.8 en 5.1. Nederlandse versie, laatst bijgewerkt 26 augustus 2026. [Registratiedocumenten] bron
  8. Nederlands Huisartsen Genootschap. NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement. [Richtlijn] bron
  9. Hartstichting. Informatie over hart- en vaatziekten en risicofactoren. [Patiënteninformatie] bron
  10. Farmacotherapeutisch Kompas. [Voorschrijfkader NL] bron
  11. Bijwerkingencentrum Lareb. [Meldpunt bijwerkingen NL] bron
Hoe dit artikel tot stand kwam
  • De bronnen zijn peer-reviewed studies, richtlijnen en de officiële productinformatie. Elke bron staat hierboven, met PMID of DOI waar die bestaat.
  • Elke bewering over een effect krijgt een bewijsniveau: sterk, redelijk, wisselend of beperkt. Nooit hoger dan de bron draagt.
  • Bronnen met een PMID of DOI zijn vóór publicatie nagekeken in de originele database. Een bron die daar niet bestaat, haalt de pagina niet.

Recalora wordt niet medisch gereviewd, en de samensteller is geen arts. Hoe wij werken

Samengesteld door Ronald de Jong · Redacteur onderzoekssynthese